|
De oudste geschiedenis van het pand gaat héél
ver terug.
Het is vermoedelijk tegen de eerste stadsmuur (voor-hoevemuur) aangebouwd. Het voorhuis is dus
eigenlijk een muurwoning. In het
midden van het vertrek is een stookplaats
gevonden. Het balkenplafond is
ook zeer oud.
De oudste bewoner die in het archief gevonden is heette Jacob Beskinn
In 1438 was er in Gouda een enorme stadsbrand, slechts een
paar huizen overleefde de brand. Mogelijk ook dit pand, vanwege de grote
stenen muur waartegen het gebouwd is.
Dirck van Neck
bewoonde dit pand. Een belangrijk koopman en ambassadeur van Gouda. Zijn
zoon trouwde met iemand van lage adel. Deze Adriana Clements
heeft echter wel geld en bouwt omstreeks 1542-1550 een
‘Somerkoecken’
(keuken) achter het huis. Tevens wordt in die periode ook waarschijnlijk het bijzondere riool aangelegd.
Haar zoon wordt, nadat de Geuzen Gouda zijn binnen-gevallen burgemeester van Gouda. Jacob Clements
van
Neck was burgemeester in 1576 t/m 1580 en
van ’84 t/m ‘87
In deze periode is vermoedelijk het achterhuis gebouwd.
Ook de kapitein van de schutters, de latere burgemeester
Jan Vlacq de Oude, die de Geuzen
daadwerkelijk binnen de poorten van Gouda heeft gelaten, is eigenaar
geweest van dit pand.
Na 1600 werd met name het achterhuis
gebruikt als bedrijfspand.
1593 -
1641 traesmaalder/ olieslager
1681 – 1743 woonde er een metselaar/ aannemer
1795 – 1824 banketbakker (?)
1824 – 1855 Pijpenmakerij van Pieter Stromman,
de laatste deken van het pijpenmakersgilden,
later oprichter van de kamer van koophandel
1855 - 1940 banketbakker/
traiteur/ eetgelegenheid.
2001 De Muzen – creatieve
workshops
|